Lieve kinderen, Maria Onbevlekt, Moeder van alle volkeren, Moeder Gods, Moeder van de Kerk, Koningin der Engelen, Hulp der zondaars, en Barmhartige Moeder van alle kinderen op aarde — zie, kinderen, zelfs vandaag komt Zij naar jullie om van jullie te houden, om jullie te zegenen, en om jullie te zeggen dat jullie onverschilligheid onder elkaar moeten verdrijven, broeders en zusters.
Jullie zien wel, onverschilligheid is niet goed — noch voor hen die het beoefenen, noch, al helemaal niet, voor hen die het ervaren. Degenen die onverschillig worden voor anderen, beseffen niet dat hun harten steeds dorrer worden. Harten mogen niet dor worden, want wanneer ze dat doen, verschijnen ze niet langer helder in de ogen van God.
Wees blij onder elkaar, broeders en zusters; wissel een paar woorden uit, en het allerbelangrijkste is dat ieder van jullie leert om naar de ander te luisteren; dit is de eerste stap die jullie naar eenheid leidt.
Vaak spreekt een broeder of zuster tegen je, maar kort daarna, terwijl je verder loopt, weet je niet meer wat ze hebben gezegd. Dit betekent dat je niet naar de ander hebt geluisterd; het betekent dat je geen eenheid opbouwt; het betekent onverschilligheid!
Kinderen, onverschilligheid onder jullie vernietigt de relaties tussen broeders en zusters; onverschilligheid wordt ook zo dor als een woestijn. Het zou goed zijn om van koers te veranderen en eenmaal voor altijd te besluiten om naar elkaar te luisteren, van elkaar te houden en liefdadig naar elkaar te zijn. Zelfs in het aangezicht van elkaars pijn zijn jullie vaak onverschillig, en wanneer dat gebeurt, bereikt een donderend gebrul het Hart van God — want onverschilligheid behaagt God niet, omdat God de Vader heel goed weet dat onverschilligheid jullie harten verduistert en jullie verwijdert van menselijke relaties; toen God deze wereld schiep, bedacht Hij deze als een familie — een immense familie!
Kom op, kinderen, zullen jullie in staat zijn om het goede en juiste te doen in de Naam van God?
Mijn teder oog zal jullie nooit in de steek laten!
LOF ZIJ DE VADER, DE ZOON EN DE HEILIGE GEEST.
Kinderen, Moeder Maria heeft jullie allemaal gezien en jullie allemaal bemind vanuit de diepten van Haar Hart.
Ik zeg jullie mijn zegen toe.
BID, BID, BID!
ONZE LIEVE VROUW WAS GEKLEED IN WIT MET EEN HEMELSE MANTEL; ZIJ DROEG EEN KROON VAN TWAALF STERREN OP HAAR HOOFD, EN AAN HAAR VOETEN WAREN HAAR KINDEREN, HAND IN HAND, DANSEND.